Digitale transformatie stopt niet bij de grens van uw organisatie
Nieuwe technologie verandert het speelveld
Alliantie | Digitalisering
Leestijd: 5 minuten
Opinie, Onderzoek
AI, IoT en andere digitale technologieën bieden organisaties ongekende mogelijkheden om producten te vernieuwen, processen efficiënter te maken en nieuwe diensten te ontwikkelen. Maar wie digitale transformatie uitsluitend als een interne veranderopgave beschouwt, mist een belangrijk deel van de uitdaging. Disruptieve technologie verandert niet alleen organisaties. Ze verandert ook de verhoudingen tússen organisaties.
Nieuwe technologie verandert het speelveld
De reflex bij een technologische doorbraak is begrijpelijk: wat betekent dit voor ónze organisatie? Welke processen kunnen we automatiseren? Welke producten kunnen we verbeteren? Welke nieuwe proposities worden mogelijk?
Bij AI zien we die vragen momenteel nadrukkelijk terug. Maar dezelfde dynamiek speelt rond IoT, data-uitwisseling, digitale platformen en andere technologieën.
De fundamentelere strategische vraag is echter niet alleen wat een organisatie met een technologie kan, maar wat die technologie met haar omgeving doet.
Nieuwe technologie kan bestaande waardeketens openbreken, nieuwe spelers introduceren en afhankelijkheden creëren rond data, infrastructuur, kennis en standaarden. Daarmee verschuift digitale transformatie van een intern organisatievraagstuk naar een vraagstuk van samenwerking en positionering in een veranderend ecosysteem.
"De echte impact van digitale technologie ontstaat niet alleen binnen organisaties, maar juist in de nieuwe afhankelijkheden ertussen."
Veel organisaties weten waarin ze technologisch investeren, maar hebben minder zicht op waarvan ze afhankelijk worden. Maak daarom naast een technologie-roadmap een afhankelijkheidskaart: welke data, standaarden, platforms, infrastructuren, leveranciers en ecosystemen zijn cruciaal voor uw toekomstige waardecreatie? Kijk daarbij vooral naar afhankelijkheden waarop u zelf weinig invloed heeft. Zo wordt zichtbaar waar een technologisch vraagstuk eigenlijk een alliantievraagstuk is.
Disruptie kan concurrenten afhankelijk van elkaar maken
Dat perspectief krijgt steun uit de integratieve review van Sean Buchanan en collega’s naar business collective action: gezamenlijke actie van concurrerende ondernemingen rond een gedeeld belang.
Op basis van 99 empirische studies laten de auteurs zien dat marktontwikkelingen belangrijke aanleidingen kunnen zijn voor zulke collectieve actie. Daaronder vallen expliciet disruptieve innovatie en het ontstaan van nieuwe markten.
Dat levert een interessante paradox op. Disruptieve technologie kan de concurrentie tussen organisaties verscherpen en tegelijkertijd hun onderlinge afhankelijkheid vergroten. Individuele organisaties willen zich onderscheiden met toepassingen en proposities, terwijl zij voor de ontwikkeling van de markt afhankelijk kunnen zijn van gezamenlijke standaarden, infrastructuur, kennisontwikkeling of legitimiteit.
Digitalisering maakt samenwerking daarmee niet minder belangrijk omdat technologie organisaties zelfstandiger maakt. In bepaalde situaties kan juist het tegenovergestelde gebeuren.
Niet iedere digitale samenwerking heeft hetzelfde strategische doel. Een technologiepartner kan helpen om AI sneller te implementeren. Maar collectieve samenwerking met meerdere organisaties kan nodig zijn om standaarden, interoperabiliteit, infrastructuur of zelfs de spelregels van een nieuwe markt te beïnvloeden. Stel daarom bij iedere strategische samenwerking de vraag: willen we binnen het bestaande speelveld beter presteren, of proberen we gezamenlijk het toekomstige speelveld vorm te geven? Dat laatste vraagt een wezenlijk andere alliantie- en governancebenadering.
AI en IoT vragen om meer dan technologieadoptie
Neem AI. De bestuurlijke uitdaging is niet alleen welke toepassingen een organisatie zelf ontwikkelt. Organisaties krijgen ook te maken met bredere vraagstukken rond bijvoorbeeld toegang tot kennis en infrastructuur, standaarden en de inrichting van nieuwe markten.
Bij IoT wordt de onderlinge afhankelijkheid misschien nog tastbaarder. De waarde van verbonden apparaten en systemen ontstaat vaak pas wanneer technologieën en organisaties met elkaar kunnen communiceren. Dat maakt interoperabiliteit en standaardisering strategisch relevant.
De review van Buchanan en collega’s beschrijft verschillende vormen van collectieve actie die bij dergelijke dynamiek passen, waaronder gezamenlijke standaardisering, onderzoek en ontwikkeling, ecosystemen en collectieve innovatie.
Daarmee ontstaat een andere kijk op digitale transformatie. Niet alleen: hoe snel kunnen wij deze technologie adopteren? Maar ook: welke voorwaarden voor succesvolle toepassing kunnen wij helemaal niet zelfstandig creëren?
"Wie digitale transformatie uitsluitend intern organiseert, kan afhankelijkheden buiten de organisatie te laat ontdekken."
Innovatievermogen en alliantiekracht raken verweven
Hier komen innovatievermogen en alliantiekracht bij elkaar.
Innovatievermogen begint bij het tijdig waarnemen van relevante technologische ontwikkelingen en veranderende behoeften. Maar signaleren dat AI, IoT of een andere technologie belangrijk wordt, is slechts het begin.
Bestuurders moeten vervolgens bepalen op welk niveau actie nodig is. Sommige kansen kan de organisatie zelfstandig benutten. Andere vragen samenwerking met leveranciers, kennisinstellingen of technologiepartners. En weer andere vraagstukken overstijgen zelfs die bilaterale samenwerking en vragen om collectieve actie met meerdere organisaties — soms inclusief directe concurrenten.
Alliantiekracht begint daarom niet bij de vraag: met wie kunnen we samenwerken? Ze begint bij een fundamentelere analyse: waar zijn we voor onze toekomstige relevantie afhankelijk van anderen?
Samenwerking lost het veranderprobleem niet automatisch op
Daarmee is samenwerking nog geen garantie voor succesvolle digitale transformatie.
Buchanan en collega’s maken zichtbaar dat collectieve actie ook een governance- en machtsvraagstuk is. Wie bepaalt de gezamenlijke agenda? Welke belangen domineren? Wie bepaalt standaarden? En welke partijen kunnen daadwerkelijk invloed uitoefenen?
De review maakt daarbij onderscheid tussen breed representatieve collectieve actie en vormen waarin de regie sterker bij een beperkte groep invloedrijke organisaties ligt. Aan beide zitten spanningen. Brede vertegenwoordiging kan verandering afremmen wanneer consensus vooral leidt tot behoud van bestaande arrangementen. Meer geconcentreerde sturing kan ingrijpendere verandering mogelijk maken, maar vergroot ook risico’s rond uitsluiting, machtsverschillen en instabiliteit.
Dat is juist bij disruptieve technologie relevant. Samenwerking kan innovatie versnellen, maar kan bestaande belangen ook beschermen tegen vernieuwing.
"De vraag is niet alleen óf organisaties samenwerken rond technologie, maar ook wie binnen die samenwerking de richting van verandering bepaalt."
De review van Buchanan e.a. maakt duidelijk dat collectieve actie ook draait om macht en vertegenwoordiging. Dat verdient extra aandacht bij digitale ecosystemen. Wanneer enkele grote technologiepartijen, marktleiders of platformaanbieders de standaarden bepalen, kan een ecosysteem efficiënt functioneren maar tegelijkertijd alternatieve innovatierichtingen uitsluiten. Vraag daarom niet alleen wie aan tafel zit, maar ook: welke perspectieven ontbreken? Organiseer periodiek een kritische toets op de aannames, belangen en technologische keuzes waarop het samenwerkingsverband is gebouwd.
Bij disruptieve technologie is te vroege afhankelijkheid van één platform, standaard, leverancier of ecosysteem riskant. Richt samenwerking daarom zo in dat de organisatie kan leren en investeren zonder alle strategische bewegingsruimte prijs te geven. Dat kan betekenen dat u meerdere technologische routes verkent, afspraken maakt over dataportabiliteit of voorkomt dat cruciale kennis volledig buiten de organisatie terechtkomt. De bestuurlijke vraag wordt dan niet alleen “welke technologie kiezen we?”, maar ook “welke keuzes willen we over drie jaar nog kunnen maken?”
Digitale transformatie vraagt om drie vermogens
Daarmee wordt ook duidelijk waarom innovatievermogen, transformatievermogen en alliantiekracht niet los van elkaar kunnen worden gezien.
Innovatievermogen is nodig om technologische ontwikkelingen tijdig waar te nemen en te vertalen naar nieuwe mogelijkheden.
Alliantiekracht wordt relevant zodra de voorwaarden voor die vernieuwing niet door één organisatie alleen kunnen worden gecreëerd.
En transformatievermogen bepaalt vervolgens of de organisatie zelf fundamenteel genoeg kan veranderen om die nieuwe mogelijkheden daadwerkelijk te benutten.
Juist die samenhang is cruciaal. Een organisatie kan AI uitstekend zien aankomen, maar onvoldoende toegang hebben tot het ecosysteem waarin toepassingen ontstaan. Zij kan sterke digitale partnerships aangaan, maar intern vastlopen op bestaande processen, structuren en verdienmodellen. Of zij kan razendsnel transformeren zonder voldoende te doorgronden welke standaarden en ecosystemen straks bepalend zijn.
Van digitale strategie naar ecosysteemstrategie
Voor bestuurders verschuift daarom de opgave. Digitale strategie gaat niet meer uitsluitend over technologie-investeringen en interne transformatie. Steeds vaker gaat zij ook over de positie die de organisatie wil innemen in digitale ecosystemen. Dat leidt tot andere vragen voor de bestuurskamer:
- Welke digitale ontwikkelingen kunnen ons verdienmodel of onze waardeketen fundamenteel veranderen?
- Welke mogelijkheden van AI, IoT en andere technologie kunnen wij zelfstandig realiseren — en welke niet?
- Waar zijn concurrenten tegelijkertijd potentiële partners omdat we afhankelijk zijn van gezamenlijke standaarden, infrastructuur of marktontwikkeling?
- In welke digitale ecosystemen willen we deelnemen, en hoeveel invloed hebben we daar daadwerkelijk?
- Kunnen onze interne organisatie, processen en verdienmodellen voldoende veranderen wanneer technologische samenwerking nieuwe mogelijkheden creëert?
Organisaties die over vijf of tien jaar nog relevant willen zijn, zullen daarom niet alleen sneller technologie moeten adopteren. Ze zullen moeten leren waarnemen waar technologie het speelveld verandert, samenwerken waar waarde alleen collectief kan ontstaan en zichzelf transformeren wanneer het nieuwe speelveld daarom vraagt.
Dat maakt digitale transformatie uiteindelijk minder een technologievraagstuk dan vaak wordt gedacht. Het is een strategische opgave waarin innovatievermogen, transformatievermogen en alliantiekracht elkaar versterken.
Bespreek daarom niet alleen welke digitale technologie uw organisatie nodig heeft. Bespreek ook welke relaties, ecosystemen en organisatieveranderingen nodig zijn om er werkelijk waarde mee te creëren.
Wetenschappelijke bron
Buchanan, S., Christiansen, L. H., Yue, L. Q., & Kroezen, J. (2025). Business Collective Action: An Integrative Review and Framework. Journal of Management Studies.
Lees ook:
Let's connect minds!
Heb je te maken met een complex vraagstuk? Kun je wel een nieuw perspectief gebruiken? Zoek je samenwerking bij het optuigen of doorontwikkelen van een nieuw initiatief? Laat het ons weten, we denken graag met je mee.
ONZE OPLOSSINGEN
Hoe ImpactMinds kan helpen
Innovatie
Om ook in de toekomst relevant te blijven en concurrentievoordeel te behouden, moet je als organisatie innoveren. Samen versterken we jouw innovatievermogen om je positie in de markt te waarborgen.
Tansformatie
In deze snel veranderende wereld moeten organisaties zich constant vernieuwen om toekomstbestendig te blijven. Succesvolle bedrijven anticiperen op morgen. Samen helpen we jouw transformatie vorm te geven.
Allianties
Samenwerking is de sleutel tot brede welvaart, unieke klantwaarde, en sterke regionale economie. Door sectoren te verbinden en kennis te delen, versnellen we transities en creëren toekomstbestendige oplossingen. Samen bereiken we meer.